Deze West-Vlaamse molshoop is in werkelijkheid een zandbank van een zee die zich miljoenen jaren geleden over dit gebied uitstrekte. Deze zandhopen, bedekte met een laagje bruinrode ijzerzandsteen zijn eigenlijk de broertjes van de heuvels die we ook elders in Vlaanderen aantreffen. Ze zorgen in het Heuvelland niet alleen voor reliëf en prachtige vergezichten, de diverse bodemtypes (zand, leem, klei), het microklimaat op de heuvelflanken, evenals de talrijke bronnen die er ontspringen staan ook garant voor zeldzame natuur. Allemaal landschappen en natuurwaarden die Natuurpunt samen met Natuurfonds Westland vzw wil beschermen en verder laten ontwikkelen. Inmiddels hebben ze reeds een viertal natuurgebieden in beheer: Sulferberg, Scherpeberg, Broekelzen en Hellebeek.
Sulferberg ligt in een gebied met bronbossen, vochtige bron- en hellingweiden en droge koutergronden. Het landschap is doorspekt met houtkanten, kleine bosjes en alleenstaande bomen. De bronnen leveren echter de grootste rijkdom aan botanische en dierlijke verscheidenheid: zeldzame plantensoorten als paarbladig en verspreidbladig goudveil, reuzenpaardenstaart, dotterbloem stellen het er bijzonder goed. Drogere, hoger gelegen delen zijn meestal in gebruik als akkerland. Wanneer die voor de landbouw worden opgegeven, ontwikkelt zich meestal een open bos. In zon wastine krijgen schrale en bloemrijke graslandvegetaties alle kansen, wat door tal van insecten vooral vlinders bijzonder op prijs wordt gesteld. De geelgors mag in Vlaanderen een behoorlijk zeldzame vogel geworden zijn, in het West-Vlaamse Heuvelland is hij vrij regelmatig te horen.
Deze reservaat, gelegen in de gemeente Westouter, ligt in een complex van bronbossen, vochtige bron- en hellingweiden en droge koutergronden op stenige bodem. Vooral de vegeties in een dergelijk gradiëntrijk milieu zijn zeer gevarieerd en soortenrijk. Met name de bronweide (zie foto) aan het Brandersbos (Dottergrasland) en de bronbosvegetaties van dit bos behoren tot de best ontwikkelde vegetaties van dit type in het volledige West-vlaamse heuvelland.
De drogere en vaak hoger gelegen delen, heden in gebruik als akkerland of recent verlaten bieden kansen voor de ontwikkeling van een open bos met schrale en bloemrijke graslandvegeties als ondergroei. Dergelijke vegetaties zijn in heel Vlaanderen uiterst zeldzaam. Vooral vlinders en tal van andere insecten kwamen in deze zgn. 'wastines' voor.
De landschappelijke kwaliteiten van het gebied zijn te danken aan haar kleinschaligheid (houtkanten, solitaire bomen, kleine bosjes). Dit uit zich o.m. in het voorkomen van de Geelgors, een vogel die vrij hoge eisen stelt aan de structuur van het landschap, en daardoor in Vlaanderen, maar zeker in West-Vlaanderen echt zeldzaam wordt.
Geschiedenis
De allereerste kern van het reservaat ontstond in 1981/1982 (!).
Toen konden de toenmalige Werkgroep Natuur en Leefmilieu Heuvelland en de Poperingse Groen(g)roep, de eigenaar van een nat grasland met een illegaal gegraven poel, aan de voert van de berghelling, overtuigen om een bheerovereenkomst af te sluiten. Vanuit het beheer binnen dit gebiedje (dat intussen uitgroeide tot een mooi bosje rond de poel) groeide de interesse voor de enorme natuurwaarden in de omgeving.
Het Brandersbronbos werd in 1990 het allereerste gebied in het Heuvelland dat de Belgische Natuur- en Vogelreservaten vzw via Natuurfonds vzw kon verwerven.
In januari 1991 werd een deel akkerland geruild voor de bronweide van de Brandersbeek.
Eind november 1993 werden 2 ha akkerland, die het Brandersbos verbinden met het lager gelegen hooiweitje en Elzenbosje, eigendom van de vzw.
Om 23 december 1994 werd de Sulferberg erkend als natuurreservaat.
Het reservaat maakte nog enkele grote sprongen voorwaarts: in 1995 met 3 ha 66 a reliëfrijke weiden, waarin zich kwelzones en een bron met veedrinkpoel bevinden; in 2001 2ha 11a weilanden tussen de Sulferbergbeek en de Sulferbergstraat en in 2002, 5ha 85a met de hogergenoemde koutergronden.
Begin 2005 is het resrvaat 18ha 32a 56 ca groot, en is deel in Heuvelland (Westouter) en Poperinge (Reningelst) gelegen.
Het is een van de mooiste bronbeekreservaten van Vlaanderen.
Diverse delen werden in het VEN (Vlaams Ecologisch Netwerk) ingekleurd als GEN (Grote Eenheid Natuur), of GENO (Grote Eenheid Natuur in Ontwikkeling).
Beheer
Het beheer zal zich vooral richten op het verder ontwikkelen van de bestaande bos- en graslandvegetaties door een betere buffering van het gebied, het wegvallen van bemesting, het extensiveren van het graasbeheer en het jaarlijks maaien van de rijke bronweidevegetatie.
Verder gaat veel aandacht uit naar het vervagen van grenzen tussen de verschillende eenheden en naar landschapsherstel.
Het prachtig glooiende landschap is niet alleen een streling voor het oog, het heeft voor ons natuurminnend hartje ook heel wat verrassingen in petto. Vooral de bronbosjes bekoren ons met planten als Reuzenpaardestaart, Paarbladig en Verspreidbladig Goudveil en natuurlijk Beekpunge

| oppervlakte: | 18,32 ha in eigendom. Beheerd i.s.m. het Natuurfonds Westland |
|---|---|
| conservators: | Piet Hardeman, Goeberg 3, 8954 Westouter, 057/44 56 57, piet.hardeman@skynet.be |
| startdatum: | 1990 |
| aard: | Bronbosjes en brongrasland |
| bescherming: | erkend reservaat |
| ligging: | Ongeveer 1,5 km ten oosten van Westouter |
| toegang: | vrij toegankelijk op paden |
| U kunt dit project steunen door een storting op rekeningnummer 293-0212075-88 van Natuurpunt vzw, met vermelding "projectnr.
3599" Vanaf € 30,00 ontvang je een fiscaal attest. |
vorig reservaat ![]() |
volgend reservaat |
|---|
aanvullende informatie of opmerkingen qua inhoud zendt U naar de webmaster