DE BLANKAART (Woumen)

info beschrijving foto-impressies bezoekerscentrum de zonneboot wandeling


grotere kaart -> klik op de kaart

Voor een bezoek aan het natuurgebied De Blankaart zijn laarzen noodzakelijk.

Laarzen aan, we duikelen in De Blankaart

Wandelen in het natuurgebied De Blankaart is geen sinecure! Zoals de naam al laat vermoeden, hebben we hier te maken met een overstromingsgebied (van de IJzer) dat geregeld ‘blank’ komt te staan. Zelfs met laarzen is het soms onbegonnen werk om het nieuwe, pas bewegwijzerde wandeltraject te volgen. Maar de omgeving is zo mooi dat de rit naar het West-Vlaamse Woumen nooit verloren moeite is. Alternatieve wandeltrajecten zonder wateroverlast liggen er trouwens voor het grijpen…


We laten ons voertuig achter op de parking naast het kasteelpark en volgen de pijlen tot voor de imposante pui van het voormalige verblijf van het geslacht de Coninck de Merckem, (1) startplaats van de wandeling. We lopen linksom naar de achterzijde van het kasteel en volgen het pad dat links van de vijver, schuin het park in loopt. Een paar tientallen meters verder zien we links een prachtexemplaar van een ijskelder (2) die uiteraard dienst doet als winterverblijf voor vleermuizen. We blijven het pad volgen dat langzaam naar rechts afbuigt naar een sierlijke boogbrug.


Op het brugje (3) het obligate plekje voor de huwelijks- en communiefoto’s, krijgen we een prachtig totaalbeeld van de vijver en de rietkragen. Eens over de brug splitst de wegel. We houden links en belanden bij een hekje dat de ingang van het eigenlijke natuurgebied aangeeft.
We lopen langs de rechteroever van een kleinere plas (4) die de medewerkers van onze vereniging hebben afgesloten van de grote vijver. Guido Vandenbroucke, conservator van De Blankaart, legt uit waarom: “De beken uit de omgeving voeren nog steeds vervuild en vooral overmatig stikstofrijk water naar De Blankaart aan. Met die afdamming willen we voorkomen dat de kleine vijver ook vervuild geraakt. Door plantengroei en visbestand nauwgezet in het oog te houden, bekomen we hier water dat merkbaar zuiverder is”.

Kijkhut

Bij een nieuwe vork kunnen we twee kanten uit: of we nemen het doodlopende pad links dat naar een kijktoren (5) voert, of we blijven op het aangeduide traject dat ons via een opstapje over de afrastering naar een drassige weide leidt. Nagekeken door grazende Galloways volgen we de houten paaltjes die de weg wijzen naar een brugje over de Velkelokerbeek.
Met één oog op het vijverpanorama en het ander naar de zompige bodem gericht trekken we door het grasland om de ‘keel van De Blankaart’ (6) te bereiken, herkenbaar aan het wilgenstruweel. We wandelen er omheen en steken verderop een volgend brugje over.
Tweehonderd meter verder stoten we op de Stenenmolenbeek, één van de zes beken die het vijvergebied bevoorraden. We volgen de beek en slaan een klaphekje (voorzichtig) achter ons dicht. Waar de beek rechts afbuigt, blijft het traject rechtdoor aanhouden. Links bemerken we een afgedankte loerbunker met bijhorende, en inmiddels drooggevallen put. Na 100 m stoten we op een pad. Een wegwijzer duidt de weg naar links aan en brengt ons door een wilgenbosje naar de Kleine Blankaart, (7) een puzzel van een tiental kleinere plassen, ontstaan door recente turfontginning.

Winterbedding


Het pad leidt naar een T-kruispunt in de Pollaertstraat, (8) waar we links afslaan en de Houtensluisvaart oversteken. Samen met de Stenensluisvaart zorgt hij voor de afwatering van De Blankaart naar de IJzer. De wandeling volgt een kilometerlange, rechte veldweg tussen stroken hooiland. Ook hier bevinden zich afgedankte aanzitputten met bunkers. Dat we in de winterbedding van de IJzer lopen en het water hier soms een meter hoog kan staan, bezorgt ons even koude rillingen. Maar meestal kabbelt de stroom twee km verderop in noord-oostelijke richting rustig en onschuldig naar Nieuwpoort.
Eens de brug over de Stenensluisvaart over, verandert de veldweg in een kerkwegel, die een weide doorkruist. We naderen het gehucht Vijfhuizen (9). De twee boerderijen en drie woningen zijn op een terp gebouwd en blijven zo behoed voor de grillen van een wassende IJzer. Via een poortje en een metalen brugje bereiken we een met steenslag verharde landweg langs de Noordhofhoeve. Vóór ons doemen de minder fraaie contouren van het spaarbekken en bijhorende installaties op (10). De achthoekige betonnen kuip kan 3 miljoen kubiek meter water bevatten en voorziet het grootste deel van West-Vlaanderen van leidingwater.

Woumense Broeken

We laten de gebouwen van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening (VMW) links liggen en nemen bij het eerste kruispunt de Noordbroekstraat naar rechts. Zo komen we weer bij de Stenensluisvaart die we oversteken. De sluis rechts van ons regelt het waterpeil in het Blankaartgebied. We houden de Noordkantvaart rechts van ons en wandelen nu te midden van de Woumense Broeken. In het noorden domineert de IJzertoren het vergezicht.
Andermaal steken we de Houtensluisvaart over om honderd meter verder rechtsaf te slaan in de richting van het gehucht ‘De Rhille’ (11). Na een bocht naar links nemen we de eerste afslag rechts (Zuidbroekstraat) en volgen het slalommende weggetje tot aan het Bloso-centrum (12). Aan het kruispunt houden we rechts en komen weer in de Pollaertstraat. Na pakweg een halve kilometer staan we weer op het punt (8) waar we de rondwandeling zijn begonnen. Vandaar nemen we hetzelfde pad terug richting Blankaartkasteel.

Het spook van De Blankaart…

Moerassen en poelen deden de verbeelding van de omwonenden in het verleden vaak op hol slaan en vormen dikwijls het kader van diverse verhalen en legendes. Zo ook de IJzerbroeken… Het zal je maar overkomen: wanneer je bij avondschemering tussen de nevelslierten haastig langs de vijver loopt en plots opgeschrikt wordt door een aanhoudend klagelijk geloei dat uit de rietkragen opstijgt. “Hoort! Dat is het spook van De Blankaart”, zegden de ouderen met opgeheven wijsvinger tot de kleintjes, waarmee ze hen zonder problemen ervan konden overtuigen altijd voor zonsondergang thuis te zijn.
In werkelijkheid is het eigenaardige misthoorngeluid afkomstig van de roerdomp die vroeger in de IJzervallei een frequent voorkomende vogel was. In de streek stond hij bekend als de “grote putoor”. Als er gevaar dreigt, richt hij zich kaarsrecht op tussen de rietstengels, met de snavel in de lucht, zodat hij haast onzichtbaar wordt voor mogelijke belagers.
De roerdomp is vandaag een zeldzame verschijning. In het Blankaartgebied overwintert hij wel, maar het moment dat de beschermde vogel er weer zal broeden, zal voor de vrijwilligers, voor wie geen moeite teveel is om de rietkraag rond de vijvers uit te breiden, een onvergetelijk moment zijn.


Van loerjacht en kooikershonden…

Wie in De Blankaart en de IJzerbroeken ronddoolt zal snel tot de vaststelling komen dat de omgeving tot enkele jaren geleden nog een uitgelezen jachtgebied was. Hiervan getuigen nog verscheidene (discrete) ingrepen in het landschap, die nu deel uitmaken van het cultuurhistorisch patrimonium van het gebied. Zo treffen we langs het gemarkeerde wandeltraject diverse aanzitputten met bijhorende schuilhutten aan, bestemd voor de loerjacht. Deze techniek is uit het naburige Frankrijk overgewaaid. Een aanzitput is een kunstmatige plas, met een half in de oever uitgegraven ‘bunker’ waarin de jagers verscholen zitten met het geweer in de aanslag. Lokeenden op de plas trekken de aandacht van nietsvermoedende soortgenoten, die nieuwsgierig op de vijver neerstrijken en genadeloos worden afgeknald. De inrichting van de schuilhutten kan uiteenlopen van uiterst primitief tot volledig ingerichte half-ondergrondse weekendverblijfjes met keukentje, slaapvertrekken, verblijfsruimte en sanitair.
De eendenvangst met de kooikershond is een andere merkwaardige jachtmethode die tot voor kort in de streek in zwang was. Deze zeer oude professionele techniek vereiste een speciale vijver met vier doodlopende trechtervormige geulen. Naargelang de windrichting werd een van de geulen gebruikt. De uiteinden van deze geulen waren met netten overspannen en op de oevers van de vijver was een vernuftig netwerk van smalle paden aangelegd. Van zodra een voldoende aantal eenden zich op de vijver had verzameld, dreef een speciaal voor deze taak afgerichte ‘kooikershond’ de dieren naar één van de geulen. De hond maakte daarvoor zeer doelmatig gebruik van de paden op de oever en ging uiterst omzichtig te werk om te voorkomen dat de vogels zouden opvliegen. Door een schutsel van rietmatten onzichtbaar voor de eenden, hield de kooiker de hele bedoening aandachtig in het oog. Eens de eenden in het door netten omspannen uiteinde van de geul waren gezwommen, werd de val dichtgeklapt en was de oogst binnen.
In de buurt van De Blankaart liggen nog enkele van deze vijvers. De laatste kooiker in het gebied, André De Cap, overleed in 1998.


Praktisch

Het nieuwe, door het West-Vlaams provinciebestuur bewegwijzerde wandelpad in het Blankaartgebied, werd in 2002 officieel geopend.
Het met paaltjes gemarkeerde traject, met start en aankomst aan het Blankaartkasteel, bedraagt ongeveer 9 km (2u.30 à 3u. wandelen). NGI-kaarten: 20/1-2 en 20/5-6 (schaal 1/25.000)
Naast het hier beschreven traject, dat op eigen houtje kan bewandeld worden, biedt de plaatselijke afdeling van Natuurpunt vzw diverse geleide wandelingen voor groepen aan.
Het Blankaartkasteel is gelegen langs de weg Diksmuide-Ieper te Woumen, op 6 km van het centrum van Diksmuide (NMBS-station). De Blankaart is niet bereikbaar met het openbaar vervoer. Naast het kasteelpark is een parking voor auto’s, fietsen en bussen.

Toegankelijkheid: Het aangeduide wandelpad is slechts toegankelijk bij normale waterstanden. Na een periode van overvloedige regen verdient het aanbeveling contact op te nemen met het bezoekerscentrum. Laarzen blijven hoe dan ook een must. Ongeschikt voor rolstoelgebruikers of kinderwagens. Honden moeten aan de leiband.

Info: Natuurpunt De Blankaart, Iepersteenweg 56 – 8600 Woumen – tel.: 051/54.52.44 – fax: 051/54.57.85 - e-mail: deblankaart@natuurpunt.be.

Meer foto's van De Blankaart vindt u op de pagina: fotoimpressies


terug naar homepage     gastenboek

een website ontwerp van Studio Kontrast