| Frankrijk-Italië 2005 idee: Tilesi |
|
|---|---|
![]() |
“Tanza” van Mehdi Charef, “Blue Gipsy” van Emir Kusturica, “Jesus Children of America” van Spike Lee, “Bilu Joao” van Kátia Lund, “Jonathan” van Jordan & Ridley Scott, “Ciro” van Stefano Veneruso, “Song Song and Little Cat” van John Woo Een briljant idee was het van UNICEF om acht filmers te vragen naar een sfeerportret van kinderen die dreigen ten onder te gaan in armoe, repressie en onverdraagzaamheid. Al bij al is het een ruiker pakkende verhalen met én over kinderen, van Afrika tot China, van Brooklyn tot Napels. Zo staat in “Tanza” de Algerijn Mehdi Charef stil bij de angsten en dromen van twee 12-jarige kindsoldaten die in de Afrikaanse jungle verdwalen. Met de hem zo typerende uitbundige fanfaremuziek portretteert Emir Kusturica in “Blue Gipsy” een zigeunerjongen op het Servische platteland, die wil ontsnappen aan zijn gewelddadige vader die zijn kinderen tot stelen aanzet. In het aangrijpende “Jesus Children of America” vertelt Spike Lee hoe een latino-meisje in Brooklyn op school vooral door haar medeleerlingen zwaar wordt gepest voor het feit dat haar ouders aan drugs verslaafd zijn… Het inzamelen en verkopen van karton en oud ijzer houden twee straatkinderen in leven in het Braziliaanse Sao Paolo. En uit China tenslotte komt het beste luikje. Op een verrassende manier laat John Woo de levens kruisen van twee meisjes, het ene straatarm en het andere steenrijk. Een pop, die de dromen van de meisjes met de opvallende namen Song Song & Little Cat symboliseert, speelt hierbij een belangrijke rol. Freddy Sartor, hoofdredacteur van Filmmagie, met inleiding en nabespreking 129' |
![]() |
|